Composteren

Compost is goed voor je tuin en maak je zelf met een compostvat of -bak. Gooi verteerbaar tuin- en keukenafval op de hoop. Na twee tot negen maanden heb je compost.

Compost maken

Afval bestaat niet in de tuin. Hergebruik alles wat in je moestuin groeit en waar je vanaf wil. Voer het af via de biobak waarna bedrijven er compost van maken of verwerk het zelf. Composteer het in een compostvak of op een composthoop, goed voor het milieu en je tuin. Ongeveer 90 procent van al het tuinafval en 50 procent van het keukenafval kan je composteren.

Wat is composteren?

Composteren is op natuurlijke wijze afbreken van tuin- en keukenafval tot een humusachtige stof, die je tuingrond verrijkt. Door compost houdt de grond beter vocht vast, is het bodemleven actief en werken meststoffen beter en langer. Tijdens het composteren zetten biljoenen bacteriën en schimmels het afval om in voeding. Energie wordt daarbij omgezet in warmte. De temperatuur in de hoop loopt op tot 60 °C, waardoor ziektekiemen en onkruidzaden dood gaan.

Geen stank

Het is een fabel dat compost stinkt en ongedierte en rommel geeft. Goede compost ruikt naar bosgrond. Voorkom overlast en gebruik een compostvat- of bak. Zet deze op een goede plek en composteer het juiste afval.

Compostvat of -bak?

Compostvat of composter

Een compostvat is een gesloten container, die makkelijk is in gebruik. Voeg afval aan de bovenkant toe en schep de compost aan de onderkant eruit. De werking in een compostvat is snel, goed te beheersen, hygiënisch en je hebt geen last van insecten. Voor een grote tuin, meer dan 250 vierkante meter is een compostvat te klein. Kies dan voor meerdere compostvaten of een compostbak.

Compostbak of composthoop

Een losse composthoop is 1,5 tot 2 meter breed. Koop daarom compostframes van hout of metaalgaas. Dat staat netter en met een paar frames naast elkaar werk je makkelijk. Of maak zelf een compostbak van een paar palen met gaas of hout. Zorg bij hout voor ruimte tussen de planken, er moet van alle kanten lucht doordringen. Maak twee bakken naast elkaar, dat is handig voor het ‘omzetten’ van de compost. Zet je compost om door de bovenste laag eraf te scheppen, leg deze laag op de bodem van je tweede bak. Haal daarna de middelste laag eraf en doe die ook in de tweede bak. Schep als laatste de onderstelaag in de tweede bak.

Goede plek

Zet je compostvat of –bak op een zonnige plek, want warmte versnelt het afbraakproces. Zorg dat wind en regen goed bij de hoop komen. Vocht en lucht zijn essentieel, zo blijft de compost nat genoeg. Te droge compost gaat rotten en stinken. Een plek in lichte schaduw onder een boom of hoge struik is prima.

Contact met de grond

Zet de composthoop op volle grond, het bodemleven doordringt dan vanzelf de hoop. Schep wat tuinaarde door de compost als je hoop de grond niet direct raakt.

Beluchten

Belucht de hoop regelmatig om het proces te versnellen. Zet daarom elke zes weken tot drie maanden de hoop om. Het composteren duurt dan vier tot negen maanden. Het omzetten doe je met een riek.

In een composter

In een compostvat is omzetten van je hoop lastig. Gebruik daarom een compostversneller, dat middel versnelt het proces en duurt daardoor twee maanden. De vaten zijn speciaal ontworpen voor efficiënte beluchting van het afval.

Variatie in het afval

Om te composteren is onder andere zuurstof, koolstof en stikstof nodig. Deze stoffen moeten in de juiste verhouding in de compost zitten. Varieer daarom in het tuin- en keukenafval dat je aan de compost toevoegt. Gooi het afval in de compostbak zonder aanstampen.

Opbouw in laagjes

De composthoop is opgebouwd uit laagjes. De laagjes is het geheim van goed composteren. Voeg niet zomaar dikke pakketten plantenafval toe. Voeg liever dunne, afwisselende laagjes van grof, droog en wat fijner, nat materiaal toe. Hoe gevarieerder, hoe beter. Als er te veel nat materiaal op elkaar komt te liggen, gaat het rotten.

Wat composteren?

Gooi al je plantaardige en verteerbare afval op de composthoop. Gooi geen onverteerbare dingen op de hoop zoals glas, metaal, kunststof en steen. Voeg niets toe dat ziektekiemen bevat zoals beschimmelde planten, vleesresten en uitwerpselen van huisdieren of mensen. Verder geen zaaddragend onkruid, sigaretten of geïmpregneerd hout. Gooi liever geen papier op de hoop, dat duurt door de compacte structuur te lang voordat het helemaal verteerd is. Graag laten we zien wat er wel en niet op de compost hoop mag.

Dit mag wel op de composthoop:

  • Grasmaaisel (beperkt en gedroogd)
  • Uitgebloeide planten
  • Haagscheersel (geen coniferen)
  • Bladeren (beperkt)
  • Groete- en fruitafval (geen citrusschillen en bananen)
  • Fijngemaakte takken
  • Eierschalen
  • Koffiefilters, koffiemaalsel
  • Theezakje (zonder nietje)
  • Broodkruimels (geen oud brood)
  • Snijbloemen (beperkt)
  • Doppen van noten
  • Houtzaagsel (niet van MDF of spaanplaat)
  • Tuinaarde, potgrond
  • Stro (beperkt) 
  • Onkruid
  • Aardappelschillen (alleen biologisch)
  • Papier van keukenrollen (geen ander papier)

Dit mag niet op de composthoop:

  • Bloeiende of zaaddragende planten
  • Gekookte etensresten
  • Vlees en visresten, botjes, vetten en oliën
  • Zuivel
  • Uitwerpselen van huisdieren
  • Schelpen van mosselen
  • Stofzuigerzak
  • Kaas
  • Houtskool, sigarettenpeuken
  • Kattenbakvulling
  • Bagger uit goot of sloot
  • Vodden

Altijd composteren

Je kan het hele jaar door composteren. Het beste begin je met composteren aan het eind van de winterperiode als de dooi invalt. Met een compostvat heb je al na twee maanden je eerste eigen compost als je compostversneller gebruikt. Ga het hele jaar door met compost maken. Zo heb je altijd genoeg.

Compost klaar?

Na vier tot negen maanden afhankelijk van het materiaal, is de compost rijp. Al het organische materiaal is omgezet. De compost is gebruiksklaar als deze aanvoelt als droge tuinaarde en ruikt naar verse bosgrond. Stop onverteerde resten terug in de hoop.

Compost gebruiken

Een goede compost activeert het bodemleven en bevat veel voedingsstoffen en sporenelementen die langzaam vrijkomen. Het bindt vocht, verbetert de grond en de doorlaatbaarheid voor water en lucht. Spreid een keer per jaar een laagje van 2 centimeter uit over de grond van je moestuin. Doe dat bij lichte grond in het voorjaar en bij zware grond in het najaar. Inwerken hoeft niet, daar zorgt het bodemleven voor. Zorg dat de compost niet op bladeren en stengels van planten komt. Dat veroorzaakt verbranding. Meng zelfgemaakte compost door de aarde als je nieuwe planten of struiken plant.

Om te mulchen

Gebruik halfrijpe compost van drie tot vier maanden oud, als grof mulchmateriaal. Of pas oppervlaktecompostering toe. Hark fijn gemaakt plantaardig afval, in niet te dikke lagen op ongebruikte moestuinbedden bij elkaar. Daar kan het afval verteren. Maak je tuin eerst helemaal onkruid vrij voordat je compost op de grond van je tuin legt.

Kom voor persoonlijk advies en ons assortiment naar de winkel.