
WEL OF GEEN HAAN
Een haan bij de hennen kan erg vermakelijk zijn want hij zorg als een echte heer voor zijn dames. Bovendien bevrucht hij de eieren, waardoor kuikentjes ook tot de mogelijkheden behoren. Wel moet u er rekening mee houden dat een haan wel voor wat meer overlast kan zorgen door zijn gekraai, dat hij de hele dag door doet om zijn territorium af te bakenen. Een kippengroepje met hennen zonder haan gaat ook prima.
HAANTJESGEDRAG
Het gedrag en uiterlijk van een haan (mannetjeskip) verschilt veel van die van de hen (vrouwtjeskip). Het kan zijn dat uw haan soms behoorlijk agressief is en misschien zelfs aanvalt. Behalve met zijn snavel zal een haan ook zijn nagels en sporen gebruiken. Een spoor is een soort grote bijnagel die aan de binnenkant van de poten groeit. Zo’n spoor kan heel lang worden en gebruikt de haan vooral om met andere hanen te vechten. Zo bepalen ze onderling de rangorde.
Trek een waterpistool!
Wanneer een haan aanvalt, is het belangrijk om te weten of hij dat doet omdat zijn karakter zo is of om zijn hennen te beschermen. Het is dus niet handig om tussen een haan en zijn hennen te gaan staan. Zijn er geen hennen in het spel en valt hij vanzelf aan? Dan denkt hij dus dat hij u ook de baas kan. Als u een emmertje water of met een waterpistool de haan nat gooit of spuit als hij u aanvalt hij zal het waarschijnlijk snel afleren.
Fok niet met agressieve hanen
Wanneer u wilt fokken, bedenk dan dat het agressieve gedrag ook erfelijk kan zijn. Fok daarom niet met agressieve hanen. De kans dat de kuikens later ook agressief worden is daardoor veel groter.
BROEDSE KIP
Een broeds kip is te herkennen aan het feit dat ze geen eieren meer legt, en regelmatig lange tijd in het legnestje vertoeft. Ze maakt typische kloekgeluidjes. De hen eet weinig, en dan vooral graan. Ze heeft een verdedigende houding tegenover de andere kippen en het baasje: kop omlaag, kont omhoog, omhoogstaande veren en de vleugels iets van het lichaam af.
Het broeden
Natuurlijk broeden is zowat de gemakkelijkste manier om kuikens te krijgen én groot te brengen. Zodra een kip broeds is, legt u er eieren onder en verder regelt ze alles zelf. Wel is het aan te raden om de hen op een rustige plaats apart van de rest te houden, zodat ze niet gestoord wordt. Een groot ras kan tot maximum 12 van haar eigen eieren zonder problemen uitbroeden, bij krielen is dit 8 à 10 eieren, afhankelijk van de grootte van het ras. Belangrijk is dat alle eieren steeds onder de kip liggen om warm te blijven.
Het broedproces van kippen duurt steeds 21 dagen, ongeacht de wijze waarop de eitjes uitgebroed worden (natuurlijk of kunstmatig). Toch kan het onder bepaalde omstandigheden gebeuren dat de eieren vroeger of zelfs later uitkomen.
Snel even eten en drinken
Haal de kip één keer per dag van het nest zodat ze snel kan eten, drinken en haar behoefte kan doen. De eieren kunnen ondertussen eventjes afkoelen, wat bevorderlijk is voor de latere weerstand van de kuikens. Deze pauze duurt meestal 10 tot 20 minuten, Geen paniek dus als de broedse hen tijdens het broedproces het nest even inruilt voor een zonnige namiddag in de tuin dat kunnen de kuikentjes best hebben.
Geef broedse kippen enkel graan en grit te eten. Graan verteert namelijk langzamer en het bevat meer calorieën, waardoor de hen minder snel opnieuw honger heeft. Bovendien zorgt graan voor een stevige ontlasting, waardoor de hen het nest minder snel zal bevuilen. Als dit toch gebeurt, schraap het vuil dan voorzichtig van de eieren met een mesje niet met water.
Andermans ei?
Een hen aanvaardt broedeieren van eender welk ras, u mag dus ook broedeitjes van andere rassen onder de broedse dame leggen. De kip weet niet beter dan dat het haar eigen kroost is. Zelfs kwartel- of fazanteneitjes zal ze met de nodige zorg uitbroeden om vervolgens het jonge grut op te voeden als waren het haar eigen bloedverwanten.
GEBOORTE VAN EEN KUIKENTJE
Eitand
Van zodra een kuiken begint te piepen in het ei duurt het niet lang meer voordat het kuiken zich een weg naar buiten pikt met hun speciale eitand op het snaveltje. Deze eitand verdwijnt na de geboorte vanzelf als het geen functie meer heeft. Het aanpikken van de schaal is een heel karwei voor het ongeboren kuiken, vandaar dat velen na het eerste gaatje een rustpauze van enkele uren inlassen alvorens ze weer verder werken.
De geboorte kan soms dus wel een heel etmaal duren.
De eerste 24 uur zullen de kleintjes waarschijnlijk nog niet vaak te zien zijn. Het enige dat ze gedurende deze periode nodig hebben, is de behaaglijke warmte van de moederkloekk.
Broedmachine
Natuurlijk kunt u er ook voor kiezen de eieren uit te broeden met een broedmachine. Dit heeft als voordeel dat u zelf kunt bepalen wanneer het broedsel uitkomt en de hen ondertussen weer nieuwe eitjes gaat leggen.
De ideale broedtemperatuur is 37.8°C, maar als de temperatuur schommelt tussen 37.6 en 38°C is dit niet meteen een ramp. Naast de temperatuur is de luchtvochtigheid een uiterst belangrijke factor tijdens het kunstmatige broedproces. De eitjes moeten regelmatig gekeerd worden, minstens 2 keer per dag. Net als de bij de natuurlijke broedwijze is een dagelijkse afkoeling van de eieren van zo’n 10 tot 20 minuten zeer bevorderlijk voor de ontwikkeling en de weerstand van de embryo’s. Als de kuikens er eenmaal zijn, moeten ze nog gedurende 24 uur in de broedmachine blijven om te drogen en om op krachten te kunnen komen. Voer of water hebben ze in deze periode nog niet nodig.
Infraroodlamp voor kuikens
Kuikens die uit een broedmachine komen moeten verwarmd worden door een infrarood(warmte)lamp. De eerste week moeten de kuikens op een plek kunnen zitten van ca. 38°C. Tijdens de eerste week kunt u de temperatuur al langzaam verlagen tot 35°C. Na de 1e week kunt u de temperatuur wekelijks 2 graden verlagen. Dit kunt u doen door de lamp hoger te hangen.
Na 2 tot 3 weken kunnen de kuikens naar hun uiteindelijke verblijf (hok). Plaats ook hier de infraroodlamp voor circa 4 weken en ga door met het verlagen van de temperatuur met 2 graden per week. U kunt de temperatuur op deze manier blijven verlagen totdat u de gemiddelde buitentemperatuur heeft bereikt. Daarna is het aan te raden om alleen bij koude nachten nog enige tijd de kuikens te verwarmen. Het voordeel van een infraroodlamp is dat deze wel warmte geeft maar geen licht. Hierdoor groeien de kuikens op bij een natuurlijke dag- en nachtritme.
Tip
Liggen de kuikens recht onder de lamp boven op elkaar, hebben ze het waarschijnlijk te koud. Liggen ze in een wijde cirkel om de lamp heen is de temperatuur waarschijnlijk te warm.




